Afschaffing btw-attest vanaf 1 januari 2022

Met de feestdagen in aantocht heeft de regering alvast een cadeautje in petto voor de bouwsector. Volgens een recent ingediend wetsontwerp zou het btw-attest waarin de bouwheer bevestigt dat de verbouwing een privéwoning betreft die ouder is dan 10 of 15 jaar afgeschaft worden vanaf 1 januari 2022.

BTW advies Ondernemersadvies December 09, 2021
Btw attest2

Thans moet dit attest door de bouwheer ondertekend worden en bij een fiscale controle door de aannemer voorgelegd kunnen worden om het tarief van 6 % te rechtvaardigen.

In de praktijk betekent dit een enorme administratieve rompslomp voor ondernemers in de bouwsector. Sommige bouwheren vullen het attest foutief in, bezorgen het attest niet ondertekend terug, de attesten raken verloren etc.

De wetgever wil dan ook tegemoetkomen aan deze administratieve belemmering. Zo zal het btw-attest met ingang van 1 januari 2022 niet langer een vereiste zijn om bij verbouwingen het tarief van 6% te mogen toepassen.

Het attest wordt weliswaar vervangen door een andere formele vereiste. Om alsnog het verlaagde tarief te mogen hanteren, wordt de aannemer verplicht onderstaande tekst toe te voegen aan de factuur:

“Btw-tarief: Bij gebrek aan schriftelijke betwisting binnen een termijn van één maand vanaf de ontvangst van de factuur, wordt de klant geacht te erkennen dat:

(1) de werken worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming heeft plaatsgevonden in een kalenderjaar dat ten minste tien/vijftien jaar voorafgaat aan de datum van de eerste factuur met betrekking tot die werken,

(2) de woning, na uitvoering van die werken, uitsluitend of hoofdzakelijk als privéwoning wordt gebruikt en

(3) de werken worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker.

Wanneer minstens één van die voorwaarden niet is voldaan, zal het normale btw-tarief van 21 pct. van toepassing zijn en is de afnemer ten aanzien van die voorwaarden aansprakelijk voor de betaling van de verschuldigde belasting, interesten en geldboeten.”

Na ontvangst van de factuur krijgt de bouwheer één maand de tijd om het tarief schriftelijk te betwisten. In dat geval moet de aannemer een corrigerende factuur uitreiken met toepassing van het normale btw-tarief.

Indien de bouwheer nalaat het tarief te betwisten, zal de aannemer niet meer gehouden zijn om het verschil in btw bij een fiscale controle te betalen. In dat geval zal de fiscus haar pijlen richten op de bouwheer door het verschil in btw na te vorderen en te verhogen met boetes en interesten.

De aannemer zal wel nog steeds zelf moeten nagaan of de werken in aanmerking komen voor het verlaagd btw-tarief van 6 % bij de opmaak van de factuur.

Het moet met name gaan om werken in onroerende staat (en voor de andere gelijkgestelde handelingen) die de omvorming, renovatie, rehabilitatie, verbetering, herstelling of het onderhoud, met uitsluiting van de reiniging, geheel of ten dele van een woning tot voorwerp hebben.

De wijziging treedt al in werking op 1 januari 2022. Tijdens een overgangsperiode tot 30 juni 2022 mag de aannemer nog gebruik maken van de btw-attesten in plaats van de factuurvermelding om op die manier voldoende tijd te hebben het facturatieprogramma aan te passen aan de nieuwe vermelding.

Daarnaast geldt deze vereenvoudiging niet enkel voor de toepassing van 6% voor renovatie van privéwoningen ouder dan 10 of 15 jaar, maar ook voor werken aan privéwoningen en woningcomplexen van gehandicapten.

We kunnen deze administratieve vereenvoudiging alleen maar toejuichen, allicht samen met heel wat aannemers en bouwheren. Toch blijft het vooral voor die laatste opletten geblazen: bij een foutieve factuur die niet betwist wordt, zal de bouwheer uiteindelijk het verschil in btw verschuldigd zijn, verhoogd met boetes en interesten.

Caroline Pesout

Fiscaal jurist


Gerelateerde nieuwsartikels